MAAIKE IN… MEXICO & DE VS – DEEL 3

Deel 3… het moeilijkste verhaal om te schrijven, omdat het ook meteen het persoonlijkste verhaal is. Maar hé: beloofd is beloofd. Ik had al een tipje van de sluier opgelicht, want dit verhaal heeft alles te maken met la romance. En wie mijn blogs de laatste jaren een béétje heeft gevolgd, zijn de liefde en ik niet altijd dikke vrienden. Dus toen ik besloot een ticket te boeken om een zekere jongen in Amerika op te zoeken, zeurde er een stemmetje in mijn achterhoofd: ‘Je bent knettergek.’ 

 

‘En? En? En? Hoe ging het?! Heb je hem al gezien?!’

Mijn Instagram loopt in Amerika over van de nieuwsgierige berichtjes. Het doel van deze hele reis heeft namelijk alles te maken met een zekere jongen. Vier jaar geleden leerde ik hem tijdens mijn soloreis in Amerika kennen, we brachten twee avondjes in de kroeg door en hadden daarna regelmatig vriendschappelijk contact. Toen corona zijn intrede deed, werden onze gesprekken uitgebreider en zei een stemmetje in mijn hoofd me dat hij misschien wel iets meer is dan alleen een verre vriend. Ik vroeg hem hoe hij het zou vinden als ik hem kwam opzoeken, waarna hij dolenthousiast reageerde. Dus begon ik met plannen en regelen en boekte mijn tickets.

Mannenshirt

Terwijl ik antwoord geef op de nieuwsgierige berichten, slaak ik een tevreden zucht. De afgelopen achttien uur zijn bizar verlopen. Een bruine labrador kijkt me nieuwsgierig vanaf zijn plekje op de grond aan. Ik draag een mannenshirt als pyjama en snuffel in de koelkast naar wat eten. Als ik weer op de bank zit, tik ik een berichtje terug naar de nieuwsgierigen.

‘Nee… ik heb hem nog niet gezien. Maar ik heb wel iets anders beleefd.’ 

No Espanol!

24 UUR EERDER

Oef, dat avondje doorhalen in de hostelbar was heftig. Ik zit bij het gangpad en de stoelen naast me blijft leeg. Ik hoop dat het zo blijft, want dan kan ik zo meteen mijn benen languit leggen en slapen. We vertrekken bijna als er toch nog een jongen naast me komt zitten. Hij gaat bij het raam zitten, de stoel in het midden blijft leeg. Ik begroet hem vriendelijk.

Ik val in slaap en schrik na een uurtje wakker. Als de stewardessen met de drankkar langskomen, hoor ik mijn buurman om een goede borrel vragen. Glimlachend kijk ik naar hem en twijfel of ik ook een borrel zal nemen. Uiteindelijk vraag ik toch om een colaatje – ik moet straks nog in mijn huurauto rijden – en duik in mijn boek. Ineens hoor ik mijn buurman Spaans praten. Verbaasd kijk ik op en wijs naar mezelf. Heeft hij het tegen mij?  ‘Eh… no Espanol!’ zeg ik snel.

Goede armen

Hij schiet in de lach en schakelt over naar het Engels. ‘Sorry, je begroette me net met hola dus ik dacht dat je Spaans kon. Ik vroeg of ik even naar de wc mocht.’ Ik knik en sta snel voor hem op. Zodra hij terug is, raken we aan de praat over van alles en nog wat. Ik vergeet dat we in het vliegtuig zitten en focus me volledig op mijn buurman.

Geïnteresseerd kijk ik naar hem terwijl hij vertelt over zijn werk. Hij heeft een volle bos, donker haar. Zijn ogen zijn hazelnootkleurig en staan vriendelijk en zacht. Ik zie hier en daar een paar tatoeages. Mijn blik blijft een tijdje hangen op zijn armen. Hij heeft goede armen. En als ik érgens op val, dan zijn het wel goede armen. Ik grijns om mijn gedachten en richt mijn blik snel weer op zijn gezicht.

Cowboy

Als we geland zijn, schiet er een steek van teleurstelling door me heen. Dit was het vast, nu gaan we weer ieders onze eigen weg. Toch denkt mijn buurman daar anders over. ‘Zal ik je mijn nummer geven? Als je een keer iets leuks wil doen of als je in de problemen zit, dan heb je altijd iemand die je kunt bellen.’ Ik vind het een lief gebaar, dus zeg ja.

We blijven kletsen tot het moment dat we door de security gaan. We komen erachter dat we allebei liefhebbers zijn van paarden. Ik op de brave, paardenmeisjes manier – hij op de cowboymanier. Bij de bagageband stelt hij me voor aan zijn vrienden die ergens anders in het vliegtuig zaten. Als iedereen zijn koffer heeft, wordt er zwaaiend afscheid genomen.

Kruisverhoor

Bij de douane verwacht ik een paar standaardvragen, maar dit loopt anders. ‘U wordt even meegenomen voor een nader verhoor,’ zegt de douanier. Ik frons mijn wenkbrauwen. Wat gaat er gebeuren? Is dit een aflevering van Border Patrol?

In een apart kamertje zit ik te wachten. Ongeduldig kijk ik op mijn telefoon, maar hoor dan ineens mijn “Amerikaanse” achternaam. ‘Miss Shaap, please put your phone away and come to the counter.’ Ik stop snel mijn telefoon in het voorvakje, maar als ik de rits omhoogtrek, komt hij vast te zitten in een oud mondkapje. ‘Godver’, mompel ik en trek hard aan het ritsje. ‘Miss Shaap, now please!’ Ja, ja, ja! Ik smijt mijn telefoon in mijn tas en sta op.

 ‘NOT FUNNY’

De man bij de balie kijkt me onderzoekend aan en begint meteen met het kruisverhoor. Waar ben ik geweest, wat heb ik in Mexico gedaan, hoe lang blijf ik hier? Ben ik hier eerder geweest? Waar ben ik allemaal geweest in Amerika? Op die vraag begin ik te lachen. ‘Waar niet! Ik was hier vier jaar geleden drie maanden,’ antwoord ik. ‘This is NOT funny, answer the question.’

Oh god, eh… en ik begin in een razend tempo plaatsen op te noemen. Dan wil hij nog weten hoeveel geld ik heb gespaard voor deze reis, wat ik per maand verdien, wat voor werk ik doe en waarom ik opnieuw hier ben. Met wie heb ik afgesproken en waarom? Wat doen zij voor werk… Er lijkt geen einde aan te komen. Maar zo plotseling als het vragenvuur begint, zo plotseling is het ook voorbij. ‘Trouwens, Amsterdam is cool! Ben ik met mijn vrouw geweest!’ Eh… oké, is goed vriend.

Kriebels

Als ik mijn huurauto heb opgehaald, ben ik een halfuur later in het hostel. Ik gris mijn mobiel uit mijn tas en kijk verrast naar mijn scherm. M’n cowboy uit het vliegtuig heeft me al een berichtje gestuurd. ‘Heb je zin om vanavond ergens te eten?’ Uh, JA! Wat leuk!

Een halfuur later zit ik naast hem in zijn truck. De airco doet het niet, dus rijden we met de ramen naar beneden naar het restaurant. Uit de boxen schalt een countryliedje. Een nieuwsgierige kriebel schiet door mijn buik. Ik kan niet ontkennen dat ik dit nu al heel erg leuk vind.

De ‘ander’

In het restaurant zitten we te kletsen alsof we elkaar al jaren kennen. We delen grappige verhalen over ons leven, maar ook een aantal heftige zaken. Het voelt goed om met hem te praten en open te zijn over alles. Als we uitgegeten zijn, gaan we naar een bar met livemuziek waar we onze gesprekken voortzetten.

‘Maar je bent hier dus om vrienden te bezoeken?’ vraagt hij me. Ik knik en haal m’n schouders op. ‘Eén iemand is misschien meer dan gewoon een vriend,’ geef ik schoorvoetend toe. Ik vertel hem het verhaal en leg uit dat ik hier ben om te kijken wat mijn gevoel zegt als ik met die andere jongen afspreek. M’n cowboy knikt langzaam en reageert begripvol. ‘Maar ik weet niet,’ zeg ik. ‘Sinds ik mijn ticket heb geboekt, heb ik nauwelijks nog iets van hem gehoord.

Cowboy stelt een aantal vragen waar ik eerlijk antwoord op geef. ‘Ik snap dat je wilt weten wat je voor hem voelt. Dan moet je ook zeker met hem afspreken,’ zegt hij. ‘Maar… ik vind je ook nu al een hele leuke meid, dus ik hoop je wel beter te leren kennen zolang je hier bent.’ Ik begin te lachen en knik. ‘Dat hoop ik ook.’ Als de muziek in de bar stopt, laat ik me met tegenzin van mijn kruk zakken. Ik wil eigenlijk nog helemaal niet dat de avond voorbij is.

The Latino way

Terwijl we teruglopen naar de truck, ouwehoeren en lachen we met elkaar. In de auto zeggen we niet zoveel meer. We zijn bijna bij het hostel als m’n cowboy de auto stilzet. ‘Je hostel is daar om de hoek, maar ik mag daar met de auto niet in.’ Ik knik langzaam. ‘Ik heb een heel leuke avond gehad, dankjewel.’ Mijn cowboy zet de auto in de vrij en draait zich naar mij om. ‘Ik ook met jou,’ zegt hij zacht.

Hij kijkt me een moment onderzoekend aan en buigt zich dan naar voren om me te zoenen. Als ik zijn lippen op de mijne voel, schiet er een schokje door me heen. De zoen begint teder, maar wordt al snel vuriger. Als hij plagerig in mijn lip bijt, slaak ik een kreet. ‘Au! Wat doe je!’ lach ik. M’n cowboy grijnst. ‘Sorry, dat doen latino’s. Ik zal het niet meer doen.’ Hij geeft een vederlicht kusje op mijn lip. ‘Als je niet naar het hostel wil, mag je ook wel met mij mee naar huis?’ vraagt hij zachtjes.

Zal ik…? Ik moet er even over nadenken. Het is niet iets wat ik normaal gesproken doe. Onderzoekend kijk ik naar de knappe jongen naast me. Het voelt zó goed met hem. Mijn onderbuikgevoel zegt me dat ‘de ander’ uiteindelijk niet veel gaat voorstellen. Geduldig wacht m’n cowboy op mijn antwoord. Uiteindelijk knik ik. ‘Oke.’

En nu is het de volgende ochtend en zit ik hier in zijn shirt op de bank met zijn hond. En hoe bizar het ook klinkt, ik voel nu al meer in mijn hoofd en lijf dan ik in tijden heb gedaan en kan niet wachten om hem weer te zien.

‘Maar die andere jongen dan?!’ sturen de nieuwsgierigen op WhatsApp.

DAG 3 IN AMERIKA

De tweede middag en avond breng ik eveneens met mijn cowboy door, maar omdat ik niet met een wat-als-gevoel wil blijven zitten, besluit ik op de derde dag met ‘de ander’ af te spreken. Ik blijf eerlijk tegen m’n cowboy. ‘Ik hoop dat het tegenvalt,’ vertrouwt hij me toe. ‘En hopelijk krijg ik ooit de kans om hem de hand te schudden en hem te bedanken voor het voorwerk.’

Ik heb met ‘de ander’ afgesproken bij een buitenbar voor een paar biertjes. Zodra ik naar binnenloop en hem zie, valt er een last van me af. Er gebeurt niets vanbinnen. Ik voel geen vlinders, geen nerveuze kriebels en geen verlangen om hem aan te raken of te zoenen. We drinken een paar biertjes en kletsen over de afgelopen jaren, maar mijn gevoel blijft hetzelfde. Om geen misverstanden te laten bestaan, biecht ik aan het eind van de avond op hoe ik het zie, waarna hij hetzelfde bevestigd.

Cowboyroes

En vanaf dat moment stort ik me op m’n cowboy. Ik dompel me overdag onder in het stads- en natuurleven van Austin en spreek ’s middags met hem af om leuke dingen te doen en elkaar beter te leren kennen. Hij neemt me mee borrelen met zijn collega’s, naar zijn lieve moeder en naar de ranch van z’n ouders om me een inkijkje in zijn leven te geven. We gaan zwemmen, een paar keer uit eten en zelfs een avond countrydansen.

De nuchtere Hollander in mij schreeuwt dat ik het rustig aan moet doen. Ik vertrek weer uit Amerika, wie weet wat er dan gaat gebeuren? Maar iedere dag opnieuw, als ik hem na zijn werkdag zie en in zijn ogen kijk, verschijnt er een lach van oor tot oor op mijn gezicht. Hoe hard ik ook RUSTAAGH tegen mezelf roep, de kriebels die in mijn buik dansen, denken er het hunne van. Ik vertel hem hoe ik mij voel en dat het voor mij een heel bijzonder gevoel is. Dit heb ik in geen jaren gevoeld. Hij heeft een deurtje geopend die al heel lang dicht zat.

Veilig voelen

Ik leg hem uit dat ik dit allerminst had verwacht en het me ook een beetje bang maakt dat ik in zo’n korte tijd al zóveel voor hem voel. Dat het ook zo natuurlijk voelt om bij hem te zijn en hem aan te raken, daar waar ik anders het liefst na een paar uur weer alleen wil zijn en wil wegrennen. Ik vertel hem dat ik al liggend bij hem in bed, me zo thuis en veilig voel. Ik stel zelfs mijn terugreis een paar dagen uit, zodat we nog iets meer tijd hebben samen.

Op de laatste dag, zie ik op tegen het afscheid. M’n cowboy neemt mijn zorgen bij me weg. ‘Dit is geen afscheid, we zien elkaar snel weer.’ Dus klamp ik me daar op dat vliegveld daaraan vast. Nu zitten er duizenden mijlen tussen ons in en worden we gedwongen om het rustig aan te doen. We leren elkaar alsmaar beter kennen en de tijd zal leren hoe het zich gaat ontwikkelen. Ik weet niet wat de toekomst ons gaat brengen, maar ik weet wel dat hij in korte tijd heel waardevol voor me is geworden en ik niet kan wachten om hem weer in levende lijve te zien.

Mijn tripje naar Amerika mag dan anders uitgepakt zijn dan ik in eerste instantie had verwacht, maar ik ben heel blij met de manier waarop het allemaal is gelopen.

 

 

About the Author

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.