MAAIKE EN SABINE IN DUBLIN: Guinness, complimentjes van oude mannen en zon!

Dublin: naar mijn weten de stad waar gezelligheid is uitgevonden. Kan ook niet anders met welgeteld 800 (!) pubs. Sabine en ik vlogen begin april naar de Ierse hoofdstad. Het was niet onze eerste keer, want vijf jaar geleden waren we er ook geweest. Deze keer hadden we iets minder trek in de typische highlights, maar wilden we vooral iets van de natuur zien én onze dorst lessen in de pub.

We vlogen op donderdagavond en bestelden in het vliegtuig een wijntje (want: traditie!). Terwijl we rustig van het wijntje nipten, hoorden we ineens de piloot omroepen dat we er over een klein kwartiertje zouden zijn. Eh, wat? We hadden nog een half (mini)flesje wijn staan! We klokten het restje wijn snel naar achteren en pakten onze spullen. En of het door de wijn kwam of door de vermoeidheid, – dat laten we éven in het midden – maar bij de bushalte naar het centrum stapten we in de eerste de beste bus die eraan kwam. Al snel begonnen we te twijfelen: gingen we wel de goede kant op? We vroegen het aan een vrouw vlak naast ons. Ze schudde haar hoofd: “Deze bus gaat langs alle parkeerplaatsen.”

We begonnen hard te lachen en schudden ons hoofd. Shit… oké, en nu dan? Sabine liep naar voren om het aan de chauffeur te vragen. Hij begon te grijnzen en schudde zijn hoofd. “You are WAY off.” We bleven zitten totdat de chauffeur zijn rondje langs alle P’s had afgemaakt. Terug op het vliegveld zochten we naar een andere bus, dubbelcheckten het deze keer extra voordat we instapten, en vertrokken toen naar het centrum van Dublin.

LONGEN SCHREEUWDEN MOORD EN BRAND

We hadden een gedeelde kamer in een hostel geboekt. Moe zochten we onze bedden op, maar ik wist meteen dat het een zware nacht ging worden. Het matras was kneiterhard en het hoofdkussen ultradun. Voor een slordige 60 euro per persoon per nacht had ik wel iets meer kwaliteit verwacht.

Toch mocht dit de pret niet drukken en stapten we de volgende dag op de trein naar het plaatsje Howt. Vanuit hier waren er meerdere wandelroutes die je kon doen en wij kozen optimistisch voor de langste: 12 kilometer aan Iers natuurschoon. We begonnen met goede moed en stopten in het begin om de haverklap om foto’s te maken. De zon scheen, de voorjaarsbloemen stonden in bloei en het uitzicht vanaf de kliffen was prachtig.

Maar na een tijdje begonnen mijn kuiten te branden, mijn rug te zweten en werd mijn keels alsmaar schraler van al het gehijg. Want 12 kilometer is in Nederland een makkie, maar hier voelde het eerder als 24 kilometer. Het was nooit lang vlak. Mijn longen schreeuwden moord en brand. Plots had ik spijt van dat sigaretje van twee weken geleden.

DUUR WIJNTJE

Héél even wilden we liftend teruggaan, maar toen schudden we onze hoofden. Niks ervan! Dit kunnen we best. A la de avondvierdaagse begonnen we wat liedjes te zingen, sjouwden weer steil omhoog, puften even uit en gingen weer verder. Terug bij het startpunt ploften we neer bij een restaurantje met een knisperend haardvuurtje waar we een grote cola, patat, uienringen en een brownie bestelden. Dit smaakte na de wandeling goddelijk lekker. 

Tijd om onze voeten rust te geven? Niks ervan! ’s Avonds was het tijd om de Ierse pub op te zoeken. In de wijk Temple Bar stapten we de eerste pub met livemuziek in en bestelden er twee witte wijn. Toen de man zei wat we moesten betalen, slikten we even: verstonden we dit goed?

Sabine legde haar pinpas op het apparaat en zag dat er maar liefst 19 euro werd afgeschreven. Kregen we soms de hele fles wijn, of zo? We kregen twee miniflesjes en twee glazen. Met een grijns keken we elkaar aan. Oké, dus pak ‘m beet anderhalve glas wijn voor bijna 20 euro? Oef.

BEDANKT VOOR HET COMPLIMENT

Met onze bellen wijn begaven we ons naar de dansvloer. Bij het podium zong een man Ierse liedjes met vioolbegeleiding van een vrouw. Het was niet helemaal onze muziek, maar we klokten ons wijntje achterover en bewogen een beetje mee op de muziek. Ineens viel een man van een jaar of 70 ons praktisch in de armen. “BEAUTIFUL!” riep hij. Hij schudde zijn hoofd. “Really, beautiful. BEAUTIFUL!” En klopte ons toen op onze schouder en liep weg. Grijnzend keken we elkaar aan. Nou, dat complimentje hadden we maar weer.

Toen we ons wijntje op hadden, gingen we een deurtje verder. De muziek van Oasis, Mumford & Sons, Bruce Springsteen, The Beatles en de Dubliners vlogen ons om de oren. De wijntjes waren hier íéts goedkoper (16,20!). Ondanks de hoge bedragen liet iedereen die hier was het zich goed smaken. De ene persoon was nog erger dronken dan de ander. Ook bij ons gingen de wijntjes er goed in. We zongen keihard mee met de muziek en dansten voor het kleine podium.

GEEN SCHIJN VAN KANS

“I’m HARRY,” schreeuwde ineens een jongen in onze oren. Aan zijn ogen te zien, had hij de hele dag al de nodige alcohol tot zich genomen. Hij zwabberde op zijn benen en grijnsde. We vroegen waar hij vandaan kwam, waarna hij de UK noemde. Ineens hyperactief keek hij ons aan: “This is so much fun, right!? Okay, I have a question for you girls. WHO WANTS TO GET…”

Ik stak pontificaal m’n arm omhoog, verwachtend dat het laatste woord van zijn vraag “DRUNK” zou zijn. Toen hij keihard “FUCKED” riep, gilde Sabine en trok ze snel mijn arm weer naar beneden. Harry keek beteuterd en kreeg al snel door dat hij bij ons geen schijn van kans maakte. We keken toe hoe hij vervolgens naar de volgende vrouw liep en het grapje herhaalde. Succes, Harry. Succes.

HET ZWARTE GOUD

Die nacht sliep ik een heel stuk beter. Misschien kwam het door de nodige wijntjes, misschien door het feit dat ik een extra kussen had gejat, of een combinatie van die twee. Fris en fruitig gingen we brunchen en liepen toen naar de Guinnessfabriek. Twee vrouwen bij de ingang vroegen ons naar de kaartjes, maar deze hadden we nog niet gekocht.

“Je moet ze online kopen. En helaas is de eerstvolgende opening pas om half 5 vanmiddag.” Shit… en nu dan? We probeerden online alsnog een kaartje te kopen, maar zonder creditcard kwamen we niet zo ver. Met lichte tegenzin lieten de meiden bij de ingang ons alsnog naar binnen om bij de balie een kaartje te kopen.

Bij de balie knikte het meisje en drukte op een paar toetsen. Voor we het wisten hadden we twee kaartjes en wees ze naar de ingang: “Veel plezier!” Ze had ons gematst! Wat lief! Na de self guided tour ploften we in de skybar bij het raam in twee stoelen om van een gratis pint Guinness te genieten. Hoewel he tniet mijn favoriete biertje is, gaat een gratis glas alcohol er áltijd goed in.

ZON, ZON, ZON!

Die avond gingen we in een ander wijkje van Dublin uit eten en zochten daarna opnieuw naar een leuk kroegje. Uiteindelijk belandden we weer in dezelfde kroeg als de avond ervoor, maar werd de avond ruw onderbroken doordat iemand Sabine’s jas had gestolen uit de pub. De lol was er wel af, dus gingen we terug en pakten even onze rust.

 

Met nog een halve dag te gaan, besloten we wederom uitgebreid te ontbijten. Daarna liepen we naar Trinity College waar we neerstreken op een bankje in de zon. In de grote hoofdstraat keken we bewonderend naar een aantal straatartiesten, zochten nog een leuke lunchtent op en maakten ons toen klaar om naar het vliegveld te gaan.

En oh, wat waren wij blij dat we met de auto naar Schiphol waren gegaan. Want door de storing bij de NS stonden zóveel mensen op een taxi of ander vervoer te wachten. Oef, gelukkig waren wij daar niet één van. We raceten terug naar Groningen met de muziek van Celine Dion en ABBA op z’n hardst en doken toen moe, maar voldaan, weer in ons bed.

About the Author

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.