De tijd stil laten staan

De tijd stil laten staan

‘Sttt…’ fluister ik en druk zacht met mijn vinger tegen zijn lippen. Verbaasd kijkt hij mij aan. Hij wil iets zeggen, maar ik schud mijn hoofd. Ik wil niet praten. Ik wil niet dat de seconden veranderen in minuten en dan in uren. Ik wil niet dat de nu zichtbare sterren verdwijnen en plaats maken voor kwetterende vogels en zonnestralen.

“Ik wil rust”

“Ik wil rust”

‘Waar doe ik het allemaal nog voor?’ fluisterde hij zacht terwijl hij voor zich uitstaarde. Het werd steeds moeilijker om adem te halen, omdat zijn gesponnen web van leugens hem steeds dichter omsloot. Het was hem verboden om te vliegen, omdat hij ziek was. Al langere tijd, maar hij had het genegeerd. Vliegen gaf hem altijd een oppermachtig gevoel.

De bewegende tas

‘Pardon, wilt u even op mijn spullen letten? Ik moet even naar het toilet.’ Ik kijk op van mijn boek en staar naar het oude vrouwtje tegenover mij. Op haar neus pronkt een klein brilletje. Ze wijst naar haar tas en ik stem toe. ‘Geen probleem!’ Ze komt overeind en wandelt voorzichtig door de treincoupé, richting de wc’s. 

De lifters

‘Hai! Mogen we misschien met jullie meerijden? Ik ben Mirthe.’ Een meisje van een jaar of twintig steekt haar hand uit. Aarzelend kijkt Lieke naar haar vriend die zijn schouders ophaalt. Ze zijn bij een tankstation in Duitsland en hebben de tank net weer volgegooid voor het laatste stukje naar huis.  

Neergeslagen

Neergeslagen

Ik weet het. Het is allemaal ontzettend oneerlijk. Het leven heeft zo zijn eigen manieren om je te laten struikelen en vervolgens te laten vallen. Het breekt je, het maakt je soms tot aan de grond kapot.